over sterven

Verlies, sterven en doodgaan komt af en toe en opeens dichtbij. Als de mens geconfronteerd wordt met ziekte of als naasten ziek worden, ziek zijn en uiteindelijk komen te overlijden. Soms is er geen aanloopperiode en is de dood onverwacht, geen tijd gegeven om ernaartoe te leven. 

Ik twijfel al om welk woord te gebruiken als ik schrijf over de dood. Sterven, overlijden, doodgaan, er niet meer zijn, heengaan?  

Wat ik leer en waar ik elke keer aan herinnerd wordt, is dat er niet één weg is in wat helpend en helend is voor de mens en haar verlies en haar verdriet. Er zijn vele kanten, vele mogelijkheden, vele perspectieven. Soms is het hardop delen van gedachtes voldoende. Soms is concrete, praktische, creatieve en/of professionele hulp wat steunend en helpend is. Soms is het te vroeg om aandacht te geven aan het verlies en de emoties, het gevoel. In mijn beleving kan de mens die verlies ervaart dit op geheel eigen wijze en tempo doen.   

Ik kan er veel over vertellen en tevens ook weer niet. Het is voor iedereen anders. Ik weet niet wat de ander voelt. Een verlies wat ik heb meegemaakt is niet gelijk aan een soortgelijk verlies van wat een ander meemaakt. Ik kan het me niet precies voorstellen. Ik denk dat ik het soms een klein beetje kan begrijpen en uiteindelijk is de conclusie: ik weet het niet. Ik kan niet voelen wat de ander voelt.  

Ik lees tegenwoordig steeds meer over onderwerpen waar ik mezelf in herken. Ik lees niet meer door als ik iets zie waar ik me niet in kan vinden. Ik wil die weerstand niet. Vele levens, vele ervaringen en vele perspectieven. Er zijn zoveel meningen en gedachtes om te delen over de dood (en het leven), juist omdat iedereen het anders ervaart.  

Sterfelijkheid gaat in mijn gedachte ook over het leven. Leven en sterven horen bij elkaar. Ik vind het fijn om gedurende mijn levende leven soms al stil te staan bij mijn sterven. Het hoeft niet, het kan, het mag. Hoe ga ik sterven? Hoe kijk ik dan terug op mijn leven? Zijn er angsten? Heb ik er invloed op, wil ik er invloed op hebben? Soms brengt het verdriet en soms besef. Gedurende mijn leven al voelen dat ik iemand ga missen als die er niet meer is, vind ik op een bepaalde manier geruststellend. Ik voel iets, het doet me wat. Ik hou van die ander en ik ga die ander missen. Ik mag die ander missen. Het is logisch dat ik die ander ga missen. Het maakt me soms ook verdrietig en angstig. Ik wil nog niet verder zonder de ander.  

In mijn beleving is sterven onvermijdelijk en ik wil het niet negeren (of uitstellen om er over na te denken). Ik kan doodgaan niet leuk vinden en toch zal het op een dag met mij en mijn naasten gebeuren. Dit leven is eindig. Ook daar is weer veel ruimte in. Is dit het enige leven, gaan we echt dood? Of gaan we over? Leven we verder? Of is dit leven, HET leven? 

In accepting death as inevitable, we don’t label it as a good thing or a bad thing. As one of my teachers once said to me, “Death happens. It is just death, and how we meet it is up to us.” – Joan Halifax

Het gaat tijdens een sterven en bij een verlieservaring, niet om het willen oplossen of verlichten van een pijnlijk of verdrietig iets. Het gaat er om, als men dat wil en als men dat kan, om erbij te blijven. Bij jezelf en bij de ander. Het kunnen dragen van je eigen stuk en het kunnen verdragen wat er bij de ander gebeurt. En als je dat niet wil of kan, is dat ook oké en menselijk.  

Voor mij persoonlijk is er de oefening en de wil om erbij te blijven. Te blijven bij een emotie, een gevoel, hoe onaangenaam het ook kan zijn. En er ook bijblijven als ik me fijn voel. Een geluksgevoel niet willen wegwuiven en juist omarmen dat dat er ook is voor mij. Het is helend voor mij om een emotie te voelen. In lichaam en geest. Een verdriet, de angst of de euforie en de blijdschap. Het afgelopen jaar heb ik die kunde bij mezelf ontdekt en dat was niet altijd fijn. Het was niet leuk en toch merk ik dat het helend is. Een gevoel valt niet te beschrijven. Het is iets wat je voelt. Het is. Hetzelfde geldt voor pijn. Fysieke én mentale pijn is voor iedereen anders. Artsen vragen wel eens op een schaal van 1 tot 10 hoeveel pijn het doet? Mijn zes is niet gelijk aan de zes van iemand anders. Het is niet te peilen of in te schatten via een systeem. Het gaat om de unieke mens en hoe die een gevoel en dus pijn ervaart. Het vergt oefenen, struikelen, vallen, blijven liggen als dat fijn voelt en ook weer kunnen opstaan. Hoe vaak het ook nodig mocht zijn.   

Ik wil graag schrijven over verlies, rouw en sterven en tevens is er zoveel om over te schrijven. Zo niet helder, tegenstrijdig en zoekend als ik kan klinken in mijn woorden, zo is het leven en sterven voor mij ook.  

Contact? In juli 2022 heb ik mijn post-hbo opleiding voor verlies- rouw- en stervensbegeleiding afgerond. Mocht je een keer iets willen delen over een verlies, de dood of het leven, dan wil ik graag die ruimte bieden.

Je kan rechtstreeks contact met me opnemen via:
06-28234226 of een bericht sturen naar ruimtevoorwoorden@gmail.com

Via verlies, rouw- en stervensbegeleiding kun je meer lezen over wat ik aanbied.

Olympische Spelen

Met alle beelden van de Olympische Spelen in Beijing 2022 op televisie denk ik terug aan de Olympische Spelen in Vancouver 2010. Vandaag keek en zocht ik of ik eerder heb geschreven over mijn eigen ervaring met de Olympische Spelen en dat had ik nog niet. A trip down memory lane.

2009
Het brengt me zelfs terug naar de zomer van 2009 in Alice Springs, Australië. Toen schreef en verstuurde ik mijn aanmelding in 30 graden hitte voor eventueel werk bij de Olympische Spelen voor het Holland House in Vancouver 2010. Internet was daar toen alleen beschikbaar door te betalen voor internettijd op een computer in het hostel. Ik zou op een vijfdaagse tour gaan in de Outback, dus ik verstuurde mijn aanmelding ’s ochtends vroeg voor 7.00 uur. Ik schreef onder andere op 6 juni 2009:

Eind januari van dit jaar ben ik vertrokken vanuit Nederland om een half jaar te gaan rondreizen in Australië en Nieuw-Zeeland. Ik had tot dan toe nog nooit zo’n verre reis ondernomen en ik wist niet wat me te wachten zou staan. Maar juist het feit dat ik het niet wist, was voor mij de uitdaging en met dat gevoel wilde ik vertrekken. Ik wilde naar een land dat ik niet kende, zodat ik het kon ontdekken. Ik wilde ondernemend zijn en het avontuur opzoeken zodat ik mezelf in situaties kon vinden waarvan ik nooit had gedacht het te mogen meemaken. Ik heb nu nog zo’n 6 weken te gaan en vanaf dag één is het een avontuur waarvan ik enorm geniet en leef van moment naar moment. Het zijn de kleine dingen als het maken van een praatje met iemand met wie je op een bankje zit en het constant leven met andere mensen in een beperkte ruimte tot en met het beklimmen van een 3.2 km hoge berg en tennissen in Melbourne Park waar normaal gesproken de Australian Open plaatsvindt. Ook dit zijn uitersten, maar vooral ervaringen waarvan ik geniet en die ik voor geen goud had willen missen.

[Lees via Gorgeous Gorges onder andere over die periode van toen.]

2010
Het is twaalf jaar geleden, februari 2010, dat ik in deze periode in het mooie Vancouver met een auto rondreed. Ik was na mijn aanmelding, gesprek en ontmoetingsdag in Zoetermeer, uitgekozen om mee te gaan. Ik had de rol als chauffeur toegewezen gekregen. Voor mij de ideale functie. Een feestje bouwen in het daadwerkelijke Holland House hoefde voor mij niet. Ik was een onderdeel van het geheel en ik kon rondrijden (en fietsen) en genieten van de omgeving, de natuur en de mensen.

Het doet me terug denken aan de wedstrijd dat ik Sven Kramer live de 5.000 meter heb zien winnen. Ik kreeg een wedstrijdkaartje cadeau. Ik herinner me dat ik nooit schreeuwde, hardop juichte en toen wel. Ik herinner me mijn oranje sjaal en hoe bijzonder ik het vond dat ik daar op die tribune mocht zitten.

Ik denk aan al de autoritten waar ik op zoek ging om verschillende boodschappen op te halen, zoals paspoppen en ook bepaalde klemmen met een specifiek soort touw. Mobiele telefoon met de mogelijkheid tot foto maken, was toen nog niet een gegeven.

Ik herinner de ontmoeting met de mensen rondom het toenmalige bobsleeteam. Ik haalde ze op bij het vliegveld en bracht ze naar Whistler. Ik zag hun huis waar ze verbleven en we deden ook nog even boodschappen in de lokale supermarkt. Ik was de hele dag met ze onderweg. Ik reed terug met een prachtige zonsondergang. Ik kon mijn geluk niet geloven.

Ik herinner me dat ik met Guus Meeuwis en zijn mensen achter de auto van Armin van Buuren aan reed, omdat Armin ergens in het centrum zou draaien en Guus had zelf geen auto.

Of toen ik een groep mensen naar een besneeuwde bergtop bracht, want ze gingen naar de wedstrijd van Nicolien Sauerbreij kijken. Ik weet nog dat ik ergens in een hutje kon zitten met andere Canadese medewerkers, kijkend naar de televisie en zien hoe ze goud won.

Of de ontmoeting met Mark Tuitert, die met zijn net gewonnen gouden medaille voor de 1.500 meter en zijn familie in de auto zat. Ik bracht ze thuis na een voor hen unieke dag.

Ik herinner me hoe mooi het land is en hoe vriendelijk de mensen zijn. Ik heb zoveel kunnen en mogen bewonderen. Ik dacht toen al: ik wil terug naar dit land. Kan ik hier ook werken en wonen? Ja, dat kon. Het gebeurde later dat jaar.

[Lees via Canada 2010-2011 over de avonturen van toen.]

2018
In 2018 was ik tijdens de Olympische Spelen in Clifton, Engeland. Ik heb toen geschreven over het vinden van Eurosport 5, zodat ik toch het schaatsen kon kijken (zie blog Discoveries).
Ik herinner me ook dat ik op één van wedstrijddagen in de sportschool aan het hardlopen was en naar het televisiebeeldscherm keek waarop Kjeld Nuis goud won. Via mijn oortjes kon ik via een Nederlands radiostation het commentaar volgen. Ik rende en liep veel langer die dag dan nodig was.

Ik geniet van sporters die een sportprestatie neerzetten. Ik word blij van een Ireen Wüst. Ik geniet van een Nadal die overwint en wint.

Ik geniet (na) van mijn herinneringen.

moment in tijd

In woorden een gevoel beschrijven, kan dat? Een gevoel ervaar ik. Het is een tinteling, een kriebel, een onderbuikgevoel, een verandering voelbaar in mijn lijf. Of een gedachte die me bekruipt? Of een euforische boost van energie? Als ik het in die woorden opschrijf, komt het niet in de buurt van wat ik wil zeggen. Wat bedoel ik? 

Een moment in tijd. Een zijn in tijd. Een uitwisseling. Het wordt gecreëerd door iets wat ik doe, wat ik meemaak. Tussen mij en een moment. Tussen mij en iemand anders. Tussen mij en omgeving, de natuur. Zijn het de woorden die hardop worden uitgesproken? Is het het tijdstip van de dag? Is het de energie van de ander? Is het het vogeltje op de achtergrond? Is het de warmte van het vuur? 

Ik klink vaag. Als ik mijn woorden teruglees, denk ik: wat wil ik zeggen? 

Hoe ontstaat een gevoel, waar komt het vandaan? Het verlangen om soms een gevoel terug te halen, omdat het zo fijn voelde. Toen, terug naar de herinnering van vroeger. Of een poging om iets niet meer te voelen, want toen was het naar. Niet de herhaling willen. Hoe voorkom ik dat? 

Kan ik (men) een exact gevoel herbeleven? Niet gelijk als, maar precies hetzelfde? Volgens mij niet. Alle omstandigheden zouden dan precies op en in het moment exact op dezelfde manier nog een keer plaatsvinden.  

Ik dacht eraan toe ik vanochtend mijn drie kaarsjes aanstak. Het zijn bijna elke ochtend dezelfde drie theelichtjes met een lichte, fijne geur. Soms heb ik voor die drie kaarsje één lucifer nodig om ze aan te steken, soms twee en soms drie. Waar zit het verschil? Maakt het uit? Kan ik elke dag de drie kaarsjes met één lucifer aansteken? Wil ik dat? Hoort dat? 

Het kan aan het kaarsje zelf liggen. Elk kaarsje is uniek, elk lontje heeft zijn eigen exacte lengte. Soms brandt het ene kaarsje langer dan de andere, terwijl ze allebei een kaarsje zijn en uit dezelfde verpakking komen. Op het oog zien ze er hetzelfde uit. 

Het kan aan de lucifers liggen. Ze zijn niet allemaal precies hetzelfde. Het ene stokje is wat dunner dan de ander. De ene breekt al af bij het aansteken, de andere brandt sneller op. 

Het kan aan mij liggen. Heb ik de lontjes wel recht genoeg gezet, het houdertje schuin genoeg gehouden en heb ik wel snel genoeg gewisseld tussen de drie kaarsjes? 

Elke afzonderlijke factor kan tot een andere uitkomst leiden. Soms wil ik hetzelfde resultaat en dan ben ik de factor die anders is. Soms is iets of iemand anders net anders. En dan nog onafhankelijk van elkaar komt men (ik) tot het resultaat. Alle drie de kaarsjes zijn aangestoken. 

Maakt het uit hoe ik er kom? Eh.. nee, eh…ja? Het kan wellicht lucifers schelen en wellicht kan ik in totaal twee minuten langer genieten van de kaarsjes als ik sneller ben óf als het kaarsje anders was gemaakt? 

En wat wil ik nu vertellen? Ook al zou ik alles doen zoals ik wil, ook al zou alle omstandigheden in het exacte moment passen bij wat ik graag wil. Hoe vaak gebeurt dat dan nog eens? Nooit. Soms gaat het erom hoe ik er kom, wat ik doe, wat ik wil en wat ik ervaar. Soms telt alleen waar ik uit wil komen, hoe ik er kom doet er niet toe.  

Ik heb (had) weer een bekende drempel opgeworpen voor mezelf. Ook al had ik me voorgenomen dat (voor nu) het schrijven niet om de perfectie gaat, was ik er wel weer naar op zoek. Voor mij (voor nu) gaat het om de oefening van het blijven schrijven.  

Ik wilde vandaag schrijven, dit zijn de woorden die ik schreef.