vaar wel lief huisje

Waar te beginnen? Hier. Ik begin hier. In dit moment van zondagochtend op een nieuwe slaapplek. In een ander huis met andere vogeltjes die me goedemorgen wensen.

Ik ben verhuisd.

Vorige week zei ik en voelde ik: dag lief huisje, dankjewel voor alles wat je me hebt gegeven.

Tranen stroomden op die bewuste zondag. Tranen uit liefde. Dankbaarheid. Voor de plek waar ik heb mogen wakker worden. Tranen uit een gevoel van afscheid, gedachten aan het gemis dat in het vooruitzicht lag. Wat ooit was en nooit meer in dezelfde vorm voor me zal verschijnen. Het vaarwel zeggen van een omgeving die me veiligheid en liefde heeft gegeven.

Het huisje dat zich vulde met warmte door de kachel die ik kon laten branden. De kerstlichtjes die op de donkere momenten en het hele jaar door, het fijne lichte verspreidden. Het ochtendritueel van een kaarsje aansteken en met de eerste kop thee in mijn handen de zon zien opkomen. De seizoenen die ik daar heb zien komen en gaan. De bladeren aan de takken van de bomen die ik zag verkleuren, heb zien vallen en de nieuwe die elk jaar ook weer verschenen. De roodborstjes die me bleven bezoeken en verrassen. Alle nieuwe vogelsoorten die ik heb leren kennen. Het vogelvoer en water dat ik ze heb mogen geven. Het plezier en rust dat het me heeft gebracht. Zo veel nieuws dat me opviel, elke keer, als ik uit hetzelfde raam keek.

De fietsroutes die ik volgde vanaf het huisje. Met een nieuwsgierige en een zoekende blik naar onbekende avonturen keek ik om me heen. De wegen die ik ontdekte, lieten me stoppen om de reeën en eenden en reigers en ooievaars te bewonderen. Al de bankjes waar ik op heb gezeten, gelezen en geschreven.

Ik heb met de wind mee gezweefd en stug doorgelopen met de wind op kop. Ontelbare keren over dat ene pad gewandeld, dat pad waar de hemel binnen tien minuten vier seizoenen kon laten zien. De zonsopgangen die me daar hoop gaven, deden beseffen dat ademen ruimte geeft. De lucht die op dat ene specifieke stukje aarde, oneindig weids is en wolken blijft creëren om bij weg te dromen. De illusie van het leven die in één wandeling kon opbloeien en vernietigend eerlijk tegelijkertijd binnen kon komen. Binnen bij mij.

Om vervolgens terug te kunnen keren naar dat idyllische, schattige stenen huisje. De plek waar niemand mij hoorde, ik alles kon delen en ik kon bestaan in alle vormen die ik maar wilde. Met een boomstam in het midden van de ruimte waar ik mijn knie aan kon stoten, kon vloeken en huilen. Dansend en zingend als de zon scheen of de regen viel.

Vaar wel lief huisje. Blijf varen in de seizoenen die toch wel komen en gaan. En dat jij daar fier mag blijven staan en ieder kan laten zien wat voor moois de wereld te geven heeft.

een dag vol

Soms overvalt het me. Een weemoedig gevoel. Het gebeurde gisteren toen ik door de winkelstraat van Valkenswaard liep. Het komt onverwacht. Het wordt niet aangekondigd, het is niet gepland en dan is het er opeens. Niet per se verdrietig of niet oké. Het gebeurt en het is.

De vroege vroege dag begon met een fantastisch helder fluitconcert van de vroege vogels die voor mijn huisje tegelijkertijd met mij wakker werden. Vervolgens ontdekte ik per auto nieuwe paden die me leidde naar het terugbrengen van het boek Lentetuin van Tomoka Shibasaki (oordeel: mwah) naar de bibliotheek van Valkenswaard. Bij het naar buiten lopen stond er een ideaal bankje in de zon en daar at ik een banaan als ontbijt. Ik kreeg een ‘smakelijk eten’ van een lieve mevrouw met haar hond en een aansluitend gesprekje over het weer en wat een mooie dag het was.

Al zittend daar in het zonnetje ontving ik een berichtje van de huisbaas met de vraag of hij deze ochtend mijn koelkast zonder vriesvak kon vervangen voor een koelkast met een vriesvak. Ja, fijn. Het vooruitzicht van waterijsjes eten en brood kunnen invriezen, maakte me blij. Het voelt als een cadeautje. Luxe om dat straks weer te kunnen doen. Aangezien ik ook niet zat te wachten om hem op zijn vingers te kijken hoe hij de koelkasten zou wisselen, besloot ik het centrum van Valkenswaard in te lopen. Ik was er nooit geweest en aangenaam verrast door best veel winkels die ik wel kan waarderen. Hier en daar zag ik de grote merken en ook veel unieke kledingboetiekjes.

Mama zou dit wel leuk gevonden hebben. Opeens was die gedachte er. Ja, dat vond ze zeventien jaar geleden leuk. Hebbedingen winkeltjes. Beetje neuzen, rondstruinen, niet echt iets nodig hebben en toch overal even willen kijken. Toen ze nog leefde vond ze het leuk. Had ze het nu, zoveel jaren later nog steeds leuk gevonden? Ik weet het niet. Het bracht voor nu een herinnering aan haar terug en dat was fijn. Hoe onverwachts het ook gebeurde, op die fijne zaterdagochtend in de lentezon was ze even bij me en liep ze met mee door de winkelstraat van Valkenswaard. Vervolgens zag ik een café met een rood DE uithangbordje. Daar ging ze graag naar toe als we in Eindhoven waren, het officiële DE café en dan kon ze haar koffiepunten inwisselen en een cappuccino drinken en een taartje eten. Ik ging naar binnen als troost voor het gevoel van weemoed, even in memorie een kopje rooibosthee drinken en enkele pagina’s lezen in een nieuw boek.

Bij terugkomst in mijn huisje was de koelkast met vriesvak bijna geïnstalleerd, werd de keukenkraan nog wat vaster gedraaid en een haakje aan de buitendeur geplaatst, zodat die niet elke keer wagenwijd open waait als ik frisse lucht binnenlaat. Ik at mijn lunch, liet mijn benen even rusten en besloot toen al fietsend naar de supermarkt te gaan voor mijn gewenste waterijsjes.

Ik fietste een extra lange route met niet geplande omwegen, want de zon was zo fijn. Ik zag het verschil in groenheid om me heen in vergelijking met vorige week. Onderweg staan de bankjes in de zon al op me te wachten, waar ik weer kan gaan zitten om de boeken te lezen die ik wil lezen. Het voelde geruststellend, dat de bankjes er nog steeds staan en dat die dagen en momenten weer gecreëerd gaan worden.

Na thuiskomst waste ik mijn haren, plofte ik met ietwat vermoeide benen op de bank en at ik mijn watermeloenijsje (die toevallig ook nog in de aanbieding was). Wat een geluk!

om niet te vergeten

Het roodborstje zit al wiegend in het hangende vogelvoederbakje te zoeken naar het beste zaadje om op te eten. Kan een vogel kieskeurig zijn in het eten dat hen wordt aangeboden? Ja, is het antwoord. In de vrieskou van de afgelopen dagen zou men denken dat eten, eten is. Ook voor een vogel. En toch maken ze de keuze om te laten liggen wat niet hun smaak is. Het bakje functioneert tevens als eretribune om de zon te zien opkomen. Al starend in de verte door de kale takken van de bomen zien zij en ik dezelfde schoonheid van de morgenstond.

Ik vergeet dingen, zoals dat een capuchon een daadwerkelijke functie heeft. Natuurlijk houdt het de regen tegen, maar het helpt ook tegen de wind en kou. Ik verbaas me daar dan weer over. Alsof het de eerste keer is, dat ik na het opzetten van mijn capuchon merk dat ik het minder koud heb. Oja. Als ik fiets en ik zet mijn capuchon op dan blijft mijn lijf langer warm en worden mijn oren niet zo snel koud. Die capuchon doet echt zijn werk.

Laatst zag ik een roodborstje op het gras zitten bij mijn raam en die haalde een dikke vette worm uit de aarde. Ze keek mij recht aan en slurpte de sliert net zo naar binnen als een mens dat zou doen met een spaghettisliert. Alsof ze wilde zeggen: kijk! Ik kan heel goed voor mezelf zorgen en wormen opslurpen. Zie je me? Ja, ik zie je.

Ik word herinnerd aan de dingen die me een fijn gevoel geven. Eerder deze week las ik wat teksten terug die ik in de afgelopen jaren heb geschreven. Naast dat het fijn is om te weten dat ík dat geschreven heb en het nu terug kan lezen (echt fijn), brengt het ook het gevoel van toen terug. Mijn ervaringen, avonturen en perspectieven vastgelegd in zinnen en teksten die ik zelf heb gecreëerd.

Eerder deze winter ging ik mijn fiets uit het schuurtje halen. Bij het openen van de deur fladderde iets voorbij en zag ik vogelpoep op meerdere zadels liggen. Na enkele ogenblikken van stilstaan in de kleine ruimte verscheen er een roodborstje op mijn stuur. Hoi. Ik liet de deur openstaan en deed een paar stappen achteruit. Ik miste het moment dat ze naar buitenvloog, maar binnen zag ik haar niet meer. Ik haalde mijn fiets van de standaard af, keek achterom en daar zat ze in de heg, fluitend en naar mij te kijken. Dag.

Vanochtend las ik over het gevoel van tevredenheid. Ik herkende het. Dan is er een tijdloosheid en ik merk dat het compleet voelt in het moment en dat het alles is wat ik wil. In die toestand van totale aanvaarding voelt alles van binnen zich tevreden. Als je zo’n moment van tevredenheid vindt wéét je dat, omdat je merkt dat het zo volledig is dat je niets anders meer wilt. Wanneer je merkt dat je weer iets wilt, is dat het teken dat je dat gevoel hebt achtergelaten. (uit het boek: Oog in oog met het leven – Mansukh Patel, John Jones)

   betoverende zonsopgangen en -ondergangen
                 fluitende vogeltjes voor mijn raam
      een kop herfstthee in mijn handen
              de woorden op papier
        de maan en de sterren in de lucht van de nacht
  ontmoetingen aan keukentafels
          een kwispelstaartende hond aaien
               met verwondering een verhaal ontdekken
    fietsend onder de bomen door en wandelen langs de zee
door de regen
   met wapperende haren
       in de zon