middagzee & ochtendzee

middagzee
Het regent dat het giet. Hoe dichter ik bij de bestemming kom, hoe harder mijn ruitenwissers moeten werken. Ook al is het redelijk warm en aangenaam in de auto, het zicht is beperkt op de 80 km/u weg. Ik heb geen haast en ik neem de tijd. Ik ben zelfs te vroeg om in te checken. Ik rijd eerst maar even zo dicht mogelijk naar zee toe, naar een parkeerplaats die bijna leeg is. Buiten het seizoen naar de zee gaan, is voor mij ideaal. Ik wil niet de meute mensen. Wel wil ik de frisse wind én dichtbij (gratis) kunnen parkeren. Ik heb een half uurtje te overbruggen. Het tikken van de regen wordt er niet minder van. Ik besluit maar gewoon even te zitten in stilte, in de auto.

Een uur later vertrek ik weer richting zee met mijn wandelschoenen aan, nadat ik mijn spullen op een zeer eenvoudige kamer heb neergezet. Het is nog niet helemaal droog, wel de voorspelling dat het gaat minderen. Mijn paraplu houdt de meeste nattigheid voor nu tegen. Ik sta na een klein kwartier wandelen op de duinovergang en ik zie de zee in volle glorie. De regen is ondertussen gestopt en de grijze, zanderige kleuren komen mooi tot zijn recht. Ik zie enkele mensen met honden. Ik kijk vooral naar een uitzicht dat oneindig oogt. Er is bijna geen wind en ik kies om naar links te lopen. In de verte is er een strandtent en het lijkt een mooi doel om daar een late lunch (vroeg avondeten) te eten. Het zand is wat nat en dat maakt lopen niet al te zwaar en zwoegend. Ik word herinnerd aan het geluid van de golven. Het verrast me elke keer hoe fijn dat voor me klinkt. Het overstemt.

Ik kom eerder dan verwacht aan bij de strandtent en toch ook wel goede timing, want de enkele druppels worden weer regen. Ik loop binnen in een ruimte waar twee houtkachels branden, enkele tafels bezet zijn en zachte, gemoedelijke muziek klinkt. Een ambiance die voor mij zelden meteen zo fijn voelt. Ik loop een rondje om te zoeken naar het beste plekje voor mij. Ik vind er één in het hoekje, met uitzicht op zee, op een gemakkelijke bank. Ik bestel een kop thee, salade met van alles en nog wat en een portie friet met mayonaise. Ik had geen betere plek kunnen vinden om even te zitten en de week de revue te laten passeren.

De maandag en dinsdag waren met tranen en ruimte. De woensdag met gezelligheid en mijn diploma-uitreiking. De donderdag met gesprekken over de dood en het leven en een last-minute besluit om een dag en nacht naar zee te gaan. De vrijdag dat ik daadwerkelijk bij de zee ben.

Dankbaar is het woord. Het omvat alleen niet het gevoel. Nu, in het moment, lijkt het iets comfortabeler om er weer in mijn eentje op uit te trekken. Ergens alleen te gaan zitten, wat eten en drinken en wat schrijven en puzzelen. Ik probeer alle gebeurtenissen van afgelopen week op te schrijven. Ik krijg het alleen niet op papier wat de ervaringen zijn geweest. Laat staan dat ik woorden kan geven aan al dat ik voel. Dus zit ik daar maar even. Te staren en te herinneren en te dromen. Ik voel rode wangen opkomen. Ik twijfel over een glas rode wijn en besluit om nog een kop thee te bestellen. Buiten komt de schemer en donker snel. Het is nog geen vijf uur en ik vraag me af of ik nog over het strand terug kan lopen. Tegen half zes kom ik in beweging, mede doordat ik hoor dat ze rond zes uur willen sluiten. Ik bereid me voor op kou en nattigheid buiten. Eén stap buiten en het is inderdaad koud en nat. Ik loop wel over het strand terug, ik zie nog genoeg om te weten waar ik naar toe wil lopen.

ochtendzee
Als ik in de schemer van de ochtend het hek met sleutel probeer open te maken, schrik ik van de hoteleigenaar die op hetzelfde tijdstip zijn hond uitlaat. We zeggen goedemorgen tegen elkaar en we gaan beiden onze eigen weg. Het regent nog een enkele spetter, ik merk het aan de druppels op mijn bril. Deze keer heb ik geen paraplu in de hand. De app zei dat het na zeven uur niet meer zou regenen. De zonsopgang is voorspeld voor negen minuten over acht. Het is zeer bewolkt. Soms waait het opeens open aan de kust. Ik gok op een zichtbare zonsopgang. Er staat in ieder geval genoeg wind. Met een stevige pas loop ik de reeds bekende route. Om niet te laat te zijn en om mezelf op te warmen. Nog één heuvel over. Ik hoor de meeuwen en de zee.

Het strand is zo goed als verlaten. In de verte zie ik links van me één persoon met een hond. Ik kies eerst voor de wind mee. De schemer heeft plaatsgemaakt voor iets meer daglicht, maar zonder zon. Weinig gedachtes, behalve: wat fijn dat ik hier loop. Aangekomen bij de drie palen die ik als doel had gesteld, keer ik om. Een stevige bries, oftewel oostenwind kracht 4, brengt alertheid. Ik zwoeg wat meer door het zand. Af en toe draai ik me even om om niet de wind vol in mijn gezicht te voelen. Mijn armen en handen wijdt uit om de wind op te vangen. Gewoon een ochtendwandeling aan zee. De middag van gisteren en de ochtend van vandaag voelen fijn, ik kan weer naar huis.

Toch besluit ik naar het ontbijt te gaan. De eigenaar was bij onze eerste ontmoeting niet heel vriendelijk, nu vertelt hij over zijn eigen zaak als uitvaartondernemer. Zes jaar geleden heeft hij die verkocht en is hij samen met zijn liefde verhuist naar zee om dit hotel te runnen.

Ik besluit na het uitchecken even het dorp in te gaan. Ik had een affiche gezien van een boekenmarkt in de lokale kerk. Vele dorpelingen die samen komen. Ons kent ons en men kent mij niet. Even leuk en even te veel mensen in een kleine ruimte. Ik loop weer richting zee. Ik loop langs een winkel met sjaals en warme sokken. De kleuren laten me even stoppen en de stof voelen. Nee, ik heb niets nodig. Aangekomen bij het strand ga ik nu rechtsaf. Ik kies eerst voor wind tegen en het harde werken en doorduwen door de wind heen. Ik ontdek dat mijn capuchon een functie heeft en het zorgt ervoor dat ik het minder koud heb. Ik loop naar de meest verre strandtent die ik kan zien. Wederom is er binnen een gemoedelijke sfeer, niet gelijk aan die van gisteren, wel heeft het een ruime opzet en zijn er genoeg tafels vrij. Ik drink mijn thee en maak enkele woordzoekers. Nadat ik weer opgewarmd ben, loop ik terug langs de klotsende golven en de vliegensvlugge vogeltjes die voor me uitlopen. Ik blijf denken aan die blauwpaarse sjaal en warme sokken. Ik heb het niet nodig, ik vind het wel leuk. De eigenaresse keurt mijn warme keuze goed, zeker met dit weer. Ze vertelt dat ze dit donkere weer maar niets vindt, wat blauwe lucht zou welkom zijn. Ik zie haar rossige haar, bruine ogen, lavendelpaarse trui en gele sjaal.

schaapjeswolken

een vaste fietsroute in mijn hoofd
en ik wijk af
de voelbare wortels van de bomen
die het asfalt doorbreken

wind van achteren
opzij
en van voren

bewegende benen
die me leiden naar nieuwe wegen
hobbelend voortstuwend
over de stenen

op bankjes zittende ik
in de warmte van de zon
te dromen

alsof mijn krullen zich vermengen
met herfstbladeren en schaapjeswolken

ietwat knotsgekke dagen

Mijn prei met aardappelsoep is niet heel goed gelukt. Het geeft me de warmte en zoutheid die het juiste effect hebben. De smaak is echter ver te zoeken. Er zit nog een zalmding met groente in de oven, waar ik nu op wacht totdat die goudbruin kleurt en warm genoeg is om op te eten. Niet de beste maaltijd van de week, wel het eten van vandaag. Sinds vanmiddag brandt de kachel in het huisje. Het is ondertussen 27 graden binnen. Het raam en de deur staan wagenwijd open. Een dag waarop mijn bedoelingen goed zijn en de uitvoeringen wat minder. Ik heb eerder vandaag een poging gedaan tot een dutje op de bank, wat niet lukte. Een dutje op bed lag ook niet lekker. Nu zit ik in de andere enige stoel die ik heb en met mijn benen omhoog. Vorige week waren mijn vrije dagen zonnig en heerlijk. De afgelopen twee dagen waren ietwat anders in mijn beleving.

Het begon allemaal op een regenachtige donderdagochtend.

Donderdag had ik een zeldzame afspraak in de avond en ik had bedacht om met de auto naar mijn werk te gaan. Het gaf me iets meer tijd in de vroege avond om thuis te komen en te eten, voor weer te vertrekken. Bijkomende afweging was de miezerregen die voor de hele dag voorspeld was. Een dag met de auto gaan, kwam dus wel goed uit. Ik ging vroeg weg juist door de regen en vergrote kans op vertraging op de randwegen van Eindhoven. Ik reed door de schemer en glinsterlichten van alle andere koplampen. Ik dacht aan mijn autotochten in Schotland en ik dacht even aan mijn oude auto. Tevens dacht ik meteen hoe blij ik ben met deze. Hij rijdt heerlijk en brengt me overal waar ik wil zijn. Dankjewel. Het verkeer viel me alles mee en ik was de tweede auto op de parkeerplaats die ochtend. Ik parkeerde de auto achteruit in en bij het uitstappen zag ik dat ik niet helemaal recht in het vak stond. Ik stapte toch nog een keer in en wilde de auto starten. Hij startte niet. Haperde, sputterde en startte niet. Nog een keer en nog een keer proberen en nee. Oké.

Ik had lichte spanning voor een afspraak van die ochtend. Eerst de focus daar op en daarna nog een keer proberen de auto te starten. En anders ANWB bellen en dan nog had ik genoeg tijd om eventueel de auto te laten maken. Afspraak in de avond is fijn als die door kan gaan. Eventuele back-up was om de auto van mijn vader te lenen. Geen paniek. Het kan allemaal geregeld worden. Mijn ratio was hard aan het werk. Na een uur kwam een collega binnen met de mededeling dat die ene afspraak niet door ging. Oké. Ik ging meteen naar buiten om te kijken of auto nu wel startte. Eerste poging nee, startte niet. Tweede poging. Na een hapering startte die uiteindelijk wel. Het voelde niet heel betrouwbaar. Wellicht iets eerder weg van werk, mijn vader bellen en vragen of ik zijn auto kan lenen? Dat was een optie en mogelijk. Ik ging iets eerder weg. Toch even garage bellen en kon een half uur later terecht om accu door te laten meten. Ja, het was de accu. Nee, geen accu op voorraad. Morgenvroeg terugkomen? Ja. Auto startte nog een keer, ik kon wel terug naar mijn vader rijden. Oké.

Het was fijn dat ik de auto van mijn vader kon lenen en toch weer richting huis en afspraak in de avond kon. Onderweg, ik reed binnendoor in verband met file op snelweg. Wat fijn dat er vaak toch een soort van oplossing mogelijk is. Tien minuten later gaat het batterij lampje in deze auto branden. Huh?! Nee. Weer wat later krijg ik andere meldingen over het systeem en nog een extra lampje dat gaat branden. Eh…Ik ben tien minuten verwijderd van thuis. Wel of niet doorrijden? Zie ik nou rook uit de motorkap komen? Oké.

Ik ben doorgereden en ik kwam heelhuids (en met ietwat verhoogde hartslag) aan. Ik heb mijn vader gebeld en vervolgens de ANWB. Wellicht kan de ANWB er op tijd zijn en dat ik toch naar mijn afspraak kan? Na tien minuten dacht ik: nee, het lijkt wel of ik vandaag niet verder mag komen dan hier. Afspraak toch afgezegd en meteen kunnen verplaatsen. Binnen het uur was er een uitermate vriendelijke ANWB man die binnen twee minuten het probleem (multiriem geknapt) en wellicht oplossing had geconstateerd. Ondertussen bewonderde hij ook mijn woonplek en viste hij naar mijn leeftijd en of ik getrouwd was.. Helaas kon het autoprobleem niet hier en nu opgelost worden. Wel regelde hij een takelwagen en had mijn vader groen licht gegeven om de auto te laten slepen naar zijn garage, zes dorpen verderop. Een andere man met zijn takelwagen was er binnen het uur. Snel en kundig stond de auto binnen een paar minuten op de aanhanger en reed die voor mijn neus weg.

De volgende dag fietste ik, met het enige vervoersmiddel dat nog wel werkte, in de regen naar mijn vader om op tijd mijn auto bij de garage te krijgen. In de tussentijd dat mijn auto gemaakt werd, heb ik gezellig met mijn vader het huishouden gedaan. Ik heb Lexie kunnen aaien en zonder irritaties hebben we ook nog samen een nachtkastje in elkaar gezet. Een niet geplande dag die toch van alles bracht. Win-win. Einde van de dag zat ik weer in mijn eigen auto met een werkende accu. Als bonus werkt mijn radio ook weer, want hij had nog een extra antenne liggen (in de woontijd in Tilburg hebben ze ooit geprobeerd mijn antenne te jatten en sindsdien was er veel ruis op mijn radio). Met mijn fiets achterop mijn auto reed ik terug naar huis. Mijn vader zijn auto was laat in de middag pas afgeleverd bij de garage en zou de volgende dag gemaakt worden. De oorzaak is nog steeds vaag, maar de riem is gemaakt en er branden geen lichtjes meer op het dashboard.

Waar ik me over verwonder en even bij stil sta, is hoe dan zaken toevallig of niet elkaar opvolgen. Die donderdagochtend heb ik bewust afgewogen om met de auto te gaan of niet. Ik heb de auto nog bedankt voor dat die zo goed rijdt. Ik had niet opnieuw in hoeven te stappen om de auto recht te zetten in het parkeervak, anders had ik niet geweten dat de auto niet fijn startte? Ik had überhaupt niet mijn auto naar werk hoeven te gaan en toch ging ik. Ik had het risico kunnen lopen en niet naar mijn vader te gaan voor zijn auto, maar dan had ik niet in de auto van mijn vader gezeten die ook brandende lampjes gaf?! En toevallig reed ik binnendoor en niet over de snelweg? En waar had anders mijn vader (of ik) gereden en waren die lampjes dan gaan branden? Maar als ik niet de auto van mijn vader had gehad, waar had ik dan onderweg gestaan met mijn kapotte accu? Ik rijd deze dagen minder auto en hoe kom ik in twee auto’s op dezelfde dag terecht die allebei mankementen vertonen?

Ik lees mijn woorden terug en wellicht is het niet zo knotsgek? Niets van dit alles was gepland. Soms loopt het zoals het loopt. Voor mij voelde het als een heleboel samenloop van omstandigheden die samenliepen en losliepen en invoegden en overvloeiden.

Het is ondertussen 24,7 graden. Mijn zalmding met groenten was het net niet. Morgen weer een dag.