de ene dag
Na een vroege ochtendwandeling over het strand van Westkapelle naar Zoutelande (en weer terug), ging ik naar binnen in de enige geopende strandtent. Ik vond een plekje bij het raam met uitzicht op de vuurtoren, het strand en de golven van de zee.
De wandeling van deze ochtend was werken en genieten tegelijkertijd. Ik liep langs de zee, de schuimende rollende golven en de zonsopgang tegemoet. Het begon met een bewolkte lucht en met voorzichtige stralen, het eindigde in Zoutelande met volle zonnestralen hoog in de lucht. Op de weg terug liep ik dichterbij de duinen. De route werd daardoor iets korter en met minder gedoe om de juiste strandpaal te vinden om doorheen te lopen. Ik draaide me regelmatig om, om de zon te kunnen blijven zien.
Ik was toe aan even zitten en een kopje thee en staren en woordzoekers oplossen. Het plekje bij het raam en de zon die bleef schijnen en voelbaar was achter het glas, was een ander onverwacht cadeautje van de dag. De rooibosthee zorgde voor warme handen. Twee ingevulde puzzels later werd het drukker om me heen, de muziek werd harder gezet en er kwamen twee mensen met twee honden aan het tafeltje voor mij zitten. Eén hond wilde naar me toe komen, maar de lijn kwam in de knoop te zitten tussen de tafel- en stoelpoten. Na wat gedoe met het uit elkaar halen van de lijnen, raakte ik in gesprek met de hondeneigenaren. De hond, lieve Bella, kreeg wat meer ruimte en kwam naar me toe. Even snuffelen aan mijn hand en toen liet ze me haar aaien. Over haar kopje, aan de linkerkant van haar bek, haar ogen vielen af en toe dicht en toen ze ging liggen, gaf ze bijna de ruimte om ook over haar buik te aaien.
Dat doet ze anders nooit. Zijn de fijnste woorden die een hondeneigenaar tegen me kan zeggen. Bella komt uit Roemenië en is over het algemeen heel schrikkerig. Ze is geen grote hond, geen kleine hond en heeft een donkerblonde langere vacht. De andere hond in het gezin, een zwarte labrador, is haar maatje en ze hebben elkaar geholpen om te wennen aan nieuwe situaties. Bella ging op haar gemak naast mij zitten en uiteindelijk liggen. Het gesprek met de eigenaren ging van welke woonplaats, naar werk, naar reizen en vervolgens praten over het leven en de dood.
In de middag ging ik na een wandeling in de miezerregen een andere strandtent binnen. Er was niet direct een plek aan het raam, maar wel een hond en twee personen die leken te gaan opstaan. De hond, klein en blij en springerig. Ik bukte en voordat ik er erg in had, kon ik hem aaien. Blije wup, zei ik. Daar word je toch blij van? Het baasje keek me aan en probeerde woorden te vinden om iets terug te zeggen. Na een paar seconden zei ze: inderdaad, blij, dat heb ik ook elke keer als ik naar hem kijk en hem aai.
de andere dag
De ochtend voelt vermoeiend. Werkend en lopend door het mulle zand. Continue afwegend waar ik wanneer door de strandpalen ga en inschatten of ik hier of daar bij die strandtent verderop wil gaan zitten.
De middag is fantastisch. In de volle winterzon, buiten zittend op tien meter van de zee. Pompoensoep etend en boek lezend met mijn zonnebril op.
In de vroege avond loop ik een andere strandtent binnen voor het avondeten. Ik vind een plekje aan het raam, met uitzicht op de zee waarbij de lucht langzaamaan verduistert. Aan het tafeltje links van mij zit een Duits echtpaar met hun Border Collie. Na vijf minuten en mijn eerste drankje besteld te hebben, komt er een groot gezelschap met ouders en kinderen binnen. Even daarna een groep ouderen die lijken te verzamelen voor de wekelijkse borrel. Het is een oefening om te blijven zitten in de toenemende stroom van geluid. Het maakt me in eerste instantie onrustig. Toen vanmiddag buiten in de winterzon overstemden alle golven van de zee elk Duits gesprek. Nu niet. Ik probeer vervolgens alleen maar even te zitten en mijn blik gaat meerdere keren naar het linkse tafeltje om contact te maken met de Border Collie. Ik heb geen succes en uiteindelijk sla ik mijn boek open om te zien of lezen alsnog lukt.
Na enkele minuten hoor en voel ik gerommel onder mijn tafel. Een snuit tegen mijn been. Hi lieffie. Ik kijk naar de eigenaren, maar ze lijken druk in gesprek en/of ze vinden het niet erg dat de hond even op een andere plek zit dan bij hen. Ik aai het lieve beestje over haar zachte vacht en over haar kop. We nemen allebei de tijd en hebben geen haast. Af en toe probeer ik oogcontact te maken met de eigenaren, maar of we missen elkaar telkens net of ze hebben het niet in de gaten. De lieve border collie trekt zichzelf uiteindelijk terug en gaat naar haar baasje toe. Ook daar krijgt ze een aai over haar bol.
De capaciteit voor verrukking is een cadeautje van leven met aandacht. – van Julia Cameron uit het boek ‘The artist’s way’