met liefde en vertrouwen

Enkele jaren terug kocht ik tijdens mijn avonturen in Engeland en Schotland een mooi schrift. Aan de linkerkant van de pagina schreef ik de Nederlandse tekst en aan de rechterkant de Engelse versie van de eenentachtig verzen van de Tao Te Ching.

Ik wist van de eenentachting verzen van de Tao, doordat ik het boek A million little pieces van James Frey heb gelezen. Ik heb me niet tot in de diepte verdiept in het taoïsme (Chinese filosofische en religieuze stroming over hoe te handelen in het leven). Ik weet alleen dat als ik één van de eenentachtig verzen lees, ik altijd iets ervaar van troost, hoop of herkenning.

Af en aan heb ik gedurende mijn reis van toen de verzen overgeschreven. Soms wist ik niet eens wat ik opschreef en betekende het niets. Het ging puur om de handeling van het schrijven om zonder gedachten iets te kopiëren. Het proces van in stilte iets overschrijven, zoals ik vroeger ook deed in een schriftje om mijn handschrift te oefenen. Het overschrijven bracht me een bepaalde rust. Soms wilde ik rust en ging ik overschrijven alleen daarvoor. Soms wilde ik (h)erkenning van al dat ronddwaalt in mijn hoofd en gaf het schrijven en lezen van een vers de geruststelling die ik voor een moment zocht.

Under heaven all can see beauty as beauty
only because there is ugliness.
All can know good as good
only because there is evil.

Therefore having and not having arise together.
Difficult and easy compliment each other.
Long and short contrast each other;
High and low rest upon each other;
Voice and sound harmonize each other;
Front and back follow one another.

Therefore the sage goes about doing nothing,
teaching no-talking.
The ten thousand things rise and fall without cease.
Creating, yet not possessing.
Working, yet no taking credit.
Work is done, then forgotten.
Therefore it lasts forever.
(vers 2, Tao Te Ching: vertaling Gia Fu-Feng & Jane English)

Het één bestaat niet zonder het ander. Ik heb het ander nodig om het ene te waarderen en om het te kunnen zien. Ook het besef van het willen forceren van een beslissing of richting of pad, omdat ik het wil. Het brengt me minder, omdat ik forceer. Ik wil graag (of het is juist een duidelijke nee) en er ontstaat een strijd tussen het willen en het moeten vinden van een weg. De teksten in Tao Te Ching komen vaak terug tot het benoemen van het doen van niets. Niet op de manier van achterover leunen en niets doen, maar op de manier van het niet afdwingen. Handel niet en vertrouwen op dat wat er is.

Ik kom steeds vaker uit bij de woorden met liefde en vertrouwen. Het zijn de woorden waar ik aan denk als ik het even niet weet. Als ik opzie tegen een moment van de dag, klinkt het haalbaar om het aan te gaan met de woorden met liefde en vertrouwen. Al loopt het anders dan gedacht, ook al gaat het inhoudelijk anders dan gehoopt, ik breng in ieder geval liefde en vertrouwen mee. Het omvat voor mij een kern waar ik altijd naar terug kan keren. De woorden voelen waar voor me. Ook al geloof ik ze zelf niet altijd, het is zacht en herkenbaar. In momenten dat ik wel het vertrouwen en de liefde zie, voel en ervaar, brengt het de herkenning en bevestiging dat het er is.

Als de basis met liefde en vertrouwen is, wat is er dan (on)mogelijk?

[gedeeltes van tekst eerder gebruikt in een blog op Route de Claire]

Plaats een reactie